21 april 2016

Vrijwilligers leveren een warme deken

De overheid trekt zich terug. Zorgtaken liggen tegenwoordig op het bordje van de gemeente. Vrijwilligers van hulporganisaties steken de handen uit de mouwen voor mensen die in de knel komen. Een helpende hand, een warme deken voor kerkleden én niet-kerkleden.

Ongeveer iedere kerkelijke gemeente in Apeldoorn kent een diaconale hulpdienst. Een legertje vrijwilligers zet zich wekelijks in om anderen een helpende hand te bieden. Eten koken, ramen wassen, ziekenhuisbezoeken afleggen.
De hulpdiensten zijn gericht op kortdurende, niet-structurele hulp. ,,Pakweg zes weken”, zegt Annemarie Kerpel van de hulpdienst –veertig vrijwilligers– van de gereformeerde gemeente in Beekbergen. Mocht hulp een keertje iets langer nodig zijn, dan doet ze echter ook niet moeilijk.
De diaconale hulpdienst van de PKN-wijkgemeente Eben-Haëzer bevindt zich in een overgangsfase. De Gereformeerde Bondsgemeente legt daarbij het vrijwilligerswerk neer in de negentien wijken die de gemeente telt.
,,Iedere wijk moet een aanspreekpunt krijgen”, legt coördinator Siska Moerdijk uit. ,,Voor één persoon is het niet te meer te behappen.” Verschillende initiatieven in de verschillende wijken zijn er al. ,,Koken voor een gezin, wandelen of bij iemand op visite gaan om de partner te ontlasten.” De gemeente heeft verder een praktische hulpdienst voor tuinonderhoud, schilderwerk et cetera. Ook de geref. gemeente in Apeldoorn en de Hersteld Hervormde Kerk hebben een vrijwilligersdienst.

Hulp in Uddel
De situatie in Uddel is bijzonder. De drie kerken (PKN, Geref. Gemeente en de Geref. Gemeente in Ned.), kennen elk een eigen vrijwillige hulpdienst. Bovendien beschikt het dorp over een niet-kerkelijke organisatie met 83 vrijwilligers.
,,Wij zetten ons in voor héél Uddel”, zegt voorzitter Kees Roos van de Stichting Vrijwillige Hulpdienst Uddel (SVHU). ,,De overheid wil graag een participatiesamenleving, waarin burgers voor elkaar klaar staan. Nou, in Uddel hebben wij die al.” De stichting werkt nauw samen met de kerken.
De SGP hecht ,,grote waarde” aan het vrijwilligerswerk, benadrukt SGP-fractievoorzitter Henk van den Berge. ,,In november heeft onze fractie bij de begrotingsbehandeling twee moties ingediend om niet te bezuinigen op mantelzorgers en het mantelzorgcompliment, een eenmalige blijk van waardering voor mantelzorgers. Het college heeft deze moties overgenomen.”

Vrijwillige hulpdiensten zijn nadrukkelijk niet bedoeld om het werk van instellingen als Verian (zorg) en Stimenz (maatschappelijk werk) over te nemen, stellen de drie vrijwilligers tijdens een gesprek op de SGP-fractiekamer in het Oude Raadhuis.
,,Vrijwilligers mógen wettelijk geen zorgtaken uitvoeren”, benadrukt mevr. Moerdijk. ,,Alleen mantelzorg.” Roos ziet hier een valkuil. ,,Professionele organisaties moeten bezuinigen. Ze hebben daarbij de neiging om taken bij vrijwilligers neer te leggen. Dat is niet de bedoeling van de vrijwillige hulpdiensten.”
Een zorginstelling heeft bijvoorbeeld een beroep gedaan op vrijwilligers van de Geref. Gemeente en de PKN in Beekbergen. De vraag is of hier een taak ligt voor kerkelijke gemeenten. ,,Wij kunnen al onze vrijwilligers daar wel inzetten”, zegt mevr. Kerpel.
,,Een kerkelijke hulpdienst moet zich niet laten gebruiken”, betoogt Roos. ,,Belangrijk is om doel en missie van je organisatie helder voor ogen te houden. Anders kom je in grijs gebied terecht. Professionele organisaties hebben hun eigen verantwoordelijkheid. Soms moet je ”nee”-verkopen. In het inzetten van vrijwilligers voor professionele organisaties zijn we zeer terughoudend.”

Kerkenraden
De contacten tussen hulpdiensten en kerkenraden zijn goed. ,,We hebben twee keer per jaar overleg met twee diakenen”, vertelt mevr. Kerpel. ,,Soms krijgen we een vraag: ,,Willen jullie eens kijken naar dat gezin?” Dat werkt heel goed.” Ook in de Eben-Haëzergemeente is regelmatig, goed overleg.
De algemene SVHU uit Uddel voert jaarlijks overleg met de drie kerkelijke hulpdiensten. ,,Heel goed zo’n overleg”, stelt Roos. ,,Binnen de kerken gebeurt veel goeds.” Onderlinge afstemming is belangrijk. Bijvoorbeeld over het –inmiddels ingetrokken– plan om 600 asielzoekers te vestigen in Nieuw-Milligen. ,,Over zoiets moeten we gezamenlijk nadenken.”
De kerkelijke hulpdiensten richten zich niet alleen op eigen kerkleden. ,,Uiteraard zijn we er eerst voor de eigen gemeente”, legt mevr. Moerdijk uit. ,,Maar daarnaast kijken we ook naar buren. Dat heeft alles te maken met christen-zijn.”
De hulpdienst van de geref. gemeente in Beekbergen krijgt twee, drie keer per jaar een hulpvraag van buiten de eigen gemeente, aldus mevr. Kerpel. ,,In ons overleg met de diaconie is het al jaren een punt van overleg: Kunnen wij iets voor heel Beekbergen betekenen? Soms gaan we op dergelijke hulpvragen in.”

Bezuiniging
De overheveling van zorgtaken van rijk naar gemeenten via de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO), waarbij een kwart van het budget is wegbezuinigd, verloopt niet helemaal vlekkeloos. Vele gemeenten blijken miljoenen euro’s van het WMO-budget niet te hebben besteed. Ook Apeldoorn houdt ruim tien miljoen euro over.
De verwachting was dat zorgvragers door de bezuiniging een groter beroep zouden doen op (kerkelijke) vrijwilligersorganisaties. Toch hebben Kerpel, Moerdijk en Roos het niet opvallend veel drukker gehad in het afgelopen jaar.
,,Er zijn twee opties”, analyseert SGP’er Van den Berge. ,,Of de overheid heeft in het verleden te veel en te gemakkelijk zorg verleend, of er dreigen alsnog mensen in de knel te komen.” 

De fractievoorzitter wijst erop dat beide opties tegelijk waar kunnen zijn. ,,Wij hebben er daarom als SGP op aangedrongen deze miljoenen te blijven reserveren voor de zorg”, zegt Van den Berge. ,,Het kan niet zo zijn dat de gemeente deze miljoenen ergens anders aan besteedt. Wij hebben al signalen dat mensen niet de zorg krijgen die ze wel nodig hebben.”
Bij de invoering van de WMO heeft de gemeente alle zorgvragen via zogenaamde keukentafelgesprekken tegen het licht moeten houden om een nieuwe indicatie vast te stellen. Niet iedereen is gelukkig met de uitkomst daarvan.
,,Een mevrouw die ik sprak, had een indicatie van GGNet voor twee keer per week dagopvang”, vertelt mevr. Moerdijk. ,,Dat had ze echt nodig.” Uit een nieuwe indicatie zou blijken dat zij nog zo zelfstandig is dat dagbesteding overbodig is. ,,Ik herken die vrouw niet uit die indicatie.”

Roos uit Uddel benadrukt dat de overheid oog moet hebben voor mensen die werkelijk in de knel komen. ,,Ik begrijp niet dat mensen van een AOW-tje kunnen rondkomen.” De overheid moet onderscheid maken, vindt mevr. Moerdijk. ,,Meer aandacht voor minder bedeelden, minder voor mensen die het goed kunnen betalen.”
Volgens Van den Berge heeft de indicatie plaatsgevonden tegen het achtergrond van forse bezuinigingen. ,,De overheid heeft de indicaties vrij scherp uitgevoerd, terwijl medewerkers die indicaties moesten vaststellen soms maar een korte opleiding hebben gehad. Daarom is het belangrijk dat zorgvragers derden inschakelen bij zo’n indicatie, zodat de zorg wordt geboden die nodig is.”

Niet uit het oog
Roos pleit voor meer aandacht voor mantelzorgers. ,,De overheid, maar ook kerkenraden moeten hen niet uit het oog verliezen. Mantelzorgers worden ouder, terwijl de zorgen bij degene die wordt verzorgd vaak toenemen.”
Mevr. Moerdijk ziet positieve initiatieven. ,,In onze gemeente vindt bijvoorbeeld af en toe een avond voor dementerenden en hun partners plaats. Verder is er een wekelijks inloophuis en bijeenkomsten voor alleengaanden.” Tegelijk zijn er ook zorgen. ,,Het wordt steeds lastiger vrijwilligers te vinden. Iedereen werkt tegenwoordig.”
Het gemeentebestuur moet er volgens Roos alles aan doen om te voorkomen dat mensen in een sociaal isolement terechtkomen. ,,Af en toe hoor je dat mensen soms maanden dood in huis liggen. Verschrikkelijk.”
Bij een terugtrekkende overheid wordt het voor burgers steeds belangrijker over een sociaal netwerk te beschikken. ,,Eigenlijk zou de overheid het advies moeten geven: Sluit je aan bij een kerkelijke gemeente”, zegt Roos met een serieuze ondertoon. ,,Daar vind je zo’n netwerk.”

Waardevol
De drie vrijwilligers ervaren hun werk als waardevol. ,,Mijn belangrijkste motief is om mensen te helpen die het moeilijk hebben”, verklaart mevr. Kerpel. Roos: ,,Ik vind het mooi om iets te betekenen voor mensen die in de knel komen.” Mevr. Moerdijk: ,,De uitdaging is een club mensen in actie te laten komen om anderen te helpen.” Mevr. Kerpel: ,,Soms hoor je dat mensen de inzet van vrijwilligers als een warme deken hebben ervaren. Daar doen we het voor.”

Gerard ten Voorde
redacteur